De Duivenmelkers.

“Een gevecht waarbij een oor werd afgebeten!” Het gebeurde in 1956 ook op Buizemont in Overboelare

E-column uit Goeferdinge

De Duivenmelkers.

Het was in oktober 1953 dat in Overboelare, op de Kleine Buizemont en in de Voskensstraat, een grondverschuiving plaatsvond. Iedereen sprak van: “Den tunnel is t’ hoopgescheten”, doch aan de tunnel, die op de spoorlijn ’s Gravenbrakel-Gent ligt en in Overboelare onder de huidige Hoge Buizemont passeert, was er niets gebeurd.
Er was wel een ‘verglijding’ gebeurd, een verglijding is een geologisch fenomeen dat in de Vlaamse Ardennen een algemeen verschijnsel is: de heuvels van Zuid-Oost-Vlaanderen zijn opgebouwd uit klei en zand. Door zand sijpelt het regenwater door en op de kleilagen krijgen we hierdoor watertafels, wanneer het nu extreem veel is gaan regen gaat het zand dat op de kleilaag ligt zeer zwaar worden, de kleilaag wordt oververzadigd met water en wordt een ware glijbaan voor het bovenliggende zand dat hierdoor gaat verglijden. Op de Buizemont was in 1953 heel wat materiaal en delen van de Voskensstraat en de Kleine Buizemont voor de tunnel geschoven in de richting van de Gaverstraat in Overboelare.

Al het vergleden materiaal werd toen, in 1954, naast de Gemeente School op de Kleine Buizemont gedeponeerd. Sindsdien noemen de buurtbewoners deze plaats als ‘al den traveaux’. Nu staan op deze opgehoogde plaats lokalen van ‘SOS Wilde Dieren’.
Door heel dat gebeuren had het gemeentebestuur van Overboelare besloten om zowel de Kleine – als de Grote Buizemont her aan te leggen en meteen ook van waterleiding te voorzien. Sindsdien is de Grote Buiemont er gaan uitzien zoals de huidige Denderoordstraat er nu nog bijligt: gekasseid met kleine kasseitjes en in waaiers. Na de fusie van 1977 veranderde de adresnaam Grote Buizemont in ‘Denderoordstraat’.
Wanneer de straat ‘Grote Buizemont’ in de maand mei van 1956 af was, wouden ze ook een ‘kermis’ houden, ‘Kermis de Greuwten, ze rekenden daar ook een stuk van Gaverstraat bij tot aan het Café Tirol. Ook ‘Café bij Regine’, het huidige Café Haciënda, mocht mee ‘Kermis de Greuwten’ vieren, dit omdat ook dat stuk Gaverstraat en een eind van de Boelarebosstraat mee heraangelegd werden.

Aan de voet van het Sanatorium aan de toenmalige Grote Buizemont, maar aan de andere kant van de straat ligt er, nu nog, een los die naar het Bourengbos loopt. Halverwege deze Losstraat stond er een houten huisje. Het huisje van Pee Van Hérre. Dat huisje had Pee heel alleen ineen getimmerd. Pee van Hérre (Peterus Herrewege) en zijn vrouwke Lietjen waren kinderloos en hadden veel tijd. Vooral Pee, die ook een goede schijnwerker was, deed niks anders dan zich bezighouden in zijn kleine schrijnwerkerij die aan de huiskamer van hun klein huisje paalde. Onder de dakpannen van hun huisje hadden ze een slaapkamer en een duivenkot. Ook in de tuin in het verlengde van het huis stond er, boven de schapenstal, nog een duiventil, deze duiventil stond echter maar op manshoogte van de grond.

Pee had voorgesteld om voor de inhuldiging van hun vernieuwde straat of voor de geplande ‘Kermis De Greuwten’ een reus zou maken. Zo gezegd zo gedaan, Pee maakte een reus! Maar Pee had beneden aan de Grote Buizemont een grote vijand. ’t Is te zeggen: Pee was niet alleen een uitstekende timmerman maar ook een verwoede en goeie duivenmelker en zijn vijand, een zekere Sou, was eveneens een duivenmelker, maar met minder prijsvliegers in zijn kot.
Omdat Pee zijn duiven nu eenmaal beter vlogen dan Sou de zijne, was Sou op een zondagmorgen twee dode mollen gaan leggen op de valplanken van Pee zijn duivenkot. Pee zijn duiven hadden hierdoor niet durven vallen, waardoor hij deze keer buiten de prijzen viel.
Nu had Pee, zonder iets te zeggen, de kop van Sou nagemaakt als reus van ‘Greuwten Bouzemont’! Deze reus droeg ook een plankje op zijn handen met twee dode mollen erop.

Het volk had daar veel leute mee, ze vonden het een ‘geslaagde attractie’, maar deze attractie maakte de Sou kokend van colère! Wanneer de namiddag voorbij was en iedereen, van de kermistafel en van de rondgang had genoten, ook de fanfare was onder de slingers en feestteksten komen passeren, werd er ’s avonds naar de plaatselijke cafés getrokken. En er waren in die tijd nog al wat ‘al de Greuwten’.
In café ‘In de Vlaamse Ardennen’, of bij Georges Boem, waren de twee (vijanden) elkaar tegen het lijf gelopen. Er ontstond een woordenwisseling en ook een serieus gevecht. Waarbij Pee zodanig in Sou zijn rechter oor had gebeten dat er een stuk oor tussen zijn tanden bleef hangen. Pee spuwde het stuk oor zodanig fel uit, dat het midden van de vloer van het café terecht kwam. Sindsdien is het gebuurte Sou altijd ‘Euwre’ (oor) gaan noemen, Sou is dan ook, lang na Lientje en Pee, als ‘Sou Euwre’ ten grave gedragen.

Nog een kleine toelichting, in café In de Vlaamse Ardennen stond er in 1964, tijdens het WK veldrijden in Overboelare, nog een spuwbak. Dat wil zeggen dat er toen nog klanten waren die tabak kauwden (tabak pruimden).
De Grote Buizemont werd ook als ‘al sanatorium vernoemd’; vorige zondag nog kwam de Sanatoriumberg of de Denderoordberg nog in BinkBank race.
De Kleine Buizemont is nu de Hoge Buizemond geworden. Na de grote fusie van 1977, wanneer Geraardsbergen uit 16 deelgemeenten is gaan bestaan zijn heel wat straatnamen veranderd van naam. De Grote Buizemont is dan Denderoordstraat gaan heten: naar de naam van het Sanatorium, dat als naam Denderoord droeg, het sanatorium is nu een rustoord met nog dezelfde naam.

In 1970 was er in Geraardsbergen al een kleine fusie gemaakt. Onder andere Overboelare, Goeferdinge, Overboelare, Nederboelare en Onkerzele waren toen al gefusioneerd. Zarlardinge nog niet, er werd toen nog getwijfeld om Zarlardinge net als Everbeek met Brakel te fusioneren. Tot 1977 bestond de Buizemont uit de Hoge Buizemond op grondgebied van Geraardsbergen en uit de Grote – en de Kleine Buizemont op het grondgebied van Overboelare. Vanaf 1960 tot in 1970 hebben de inwoners van Overboelare zich tegen de fusie met Geraardsbergen verzet. Met slagzinnen als ‘Overboelare zegt NEEN!’ en ‘NEEN tegen minister Gilson’. Arthus Gilson, was een Franstalige christendemocraat en tijdens de Congocrisis minister van Defensie. Van 1961 tot ’65, in de regering Lefevre-Spaak was hij als minister van Binnenlandse Zaken en Openbaar Ambt onder meer verantwoordelijk voor de wetsontwerpen betreffende het taalgebruik, zijn cabinet was toen al bezig met het fusioneren van gemeenten en steden. In 1992 werd hij tot minister van staat benoemd. Hij stierf in februari 2004.

De Duivenmelkers.

Karel De Pelsemaeker

Zeen is a next generation WordPress theme. It’s powerful, beautifully designed and comes with everything you need to engage your visitors and increase conversions.

Krijg het nieuws uit jouw buurt

116519