Geraardsbergen. De politieke spanningen in de gemeenteraad laaien opnieuw hoog op. De oppositiefracties UP, Vlaams Belang en onafhankelijk raadslid Karel De Moyer nemen scherp afstand van de beslissing van gemeenteraadsvoorzitter Jimmy Colman om de gemeenteraad op 5 september niet samen te roepen. Volgens de oppositie is hun oproeping volledig rechtsgeldig en voldoet ze aan het Decreet Lokaal Bestuur. “Of spelen er hier andere motieven, zoals het proberen toedekken van dit dossier?”
Jens Rottiers – fractievoorzitter van UP in de gemeenteraad – schreef een lange lezersbrief naar de redactie. Voor u de lezersbrief leest, vindt de redactie het nodig om deze situatie te duiden.
Oppositie: “Regels worden naar de hand gezet”
De oppositie hekelt dat de voorzitter de oproep naast zich neerlegt, terwijl een eerdere oproeping met kortere termijn wél werd aanvaard. “Een voorzitter heeft niet de taak de wet naar eigen goeddunken te interpreteren, maar ze correct toe te passen,” klinkt het scherp.
Daarnaast verwijt de oppositie Colman verwarring te zaaien tussen ‘hoogdringendheid’ en ‘spoedeisendheid’. “Wij hebben nooit hoogdringendheid ingeroepen.” Ook het argument dat een extra gemeenteraad enkel geld zou kosten, wordt van tafel geveegd: “De onderhandse ruil in dit dossier kost de stad tienduizenden euro’s meer dan een extra zitting.”

Colman: “Geen hoogdringendheid, debat kan op 30 september”
Voorzitter van de OCMW- en gemeenteraad Jimmy Colman verdedigt zijn beslissing: “Op 28 augustus ontving ik een tweede oproep om een gemeenteraad samen te roepen op 5 september. Omdat er geen sprake is van hoogdringendheid, had de uitnodiging al op diezelfde dag moeten verstuurd worden.Ik heb dan ook geen uitnodiging verzonden voor een gemeenteraad op 5 september. De dossiers waarvoor één derde van de raadsleden een oproep vraagt, kunnen immers zonder probleem behandeld worden tijdens de regulier geplande gemeenteraden. Daarom heb ik geen oproeping verzonden.”
Volgens Colman kunnen de gevraagde dossiers zonder probleem behandeld worden tijdens de reguliere gemeenteraad van 30 september. “Op die manier krijgt iedereen de kans deel te nemen aan de gedachtewisseling. Dat is de juiste invulling van het democratisch proces: constructief samenwerken in plaats van persoonlijke strijd te voeren.
Rottiers (UP): “Excuses kloppen niet”
Oppositieleider Jens Rottiers (UP) weerlegt dat standpunt en haalt er concrete voorbeelden bij: “De eerste oproeping werd op 18 augustus verstuurd voor een zitting op 26 augustus – slechts acht dagen later – en dat werd door u wél geldig verklaard. De tweede oproep op 27 augustus voor 5 september telt negen volle dagen. Die uitnodiging had dus perfect op 28 augustus verzonden kunnen worden. Waarom is dat niet gebeurd?”

Rottiers suggereert dat de echte reden elders ligt: “In de wandelgangen horen we dat niet alle leden van de meerderheid aanwezig zouden zijn op 5 september. Is dat dan de reden om de oproep te weigeren?”
De oppositie herhaalt haar eis dat de gemeenteraad alsnog op 5 september bijeenkomt en beroept zich daarbij op de steun van de VVSG, die volgens hen bevestigt dat een tweede oproeping door de oppositie perfect rechtsgeldig is. Jens Rottiers maakt gewag van een “bewuste manipulatie van het democratisch proces”. “Dit soort praktijken doet denken aan Trumpiaanse toestanden: het naar de hand zetten van de wet of er zelfs buiten kleuren, enkel en alleen om het eigen grote gelijk te behouden”, gaat Rottiers verder.
Democratische crisis?
Het conflict legt de zenuw bloot in Geraardsbergen: de oppositie spreekt van een manipulatie van het democratisch proces, terwijl de voorzitter zich beroept op correcte procedure en samenwerking. De vraag blijft of de gemeenteraad het dossier op 5 september alsnog zal bespreken – of dat het debat pas eind september zal plaatsvinden.
Julien Borremans
Lezersbrief van Jens Rottiers:
De oppositiefracties UP, Vlaams Belang en raadslid Karel De Moyer nemen met klem afstand van de beslissing van de gemeenteraadsvoorzitter om de gemeenteraad niet samen te roepen. Hij verzaakt hierbij aan zijn verplichting om op te treden als voorzitter voor élk lid.
Onze oproeping werd rechtsgeldig ingediend, negen dagen vóór de voorziene zitting, en werd bovendien ondersteund door één derde van de gemeenteraadsleden. Dit voldoet volledig aan de bepalingen van het huishoudelijk reglement en van het Decreet Lokaal Bestuur. Een tweede oproeping is in dit kader perfect rechtsgeldig.
De vraag van de oppositie werd op 27 augustus 2025 ingediend. Vanaf die indiening tot de zitting van 5 september liggen exact negen dagen. Bij de eerste oproep daarentegen werd onze vraag verstuurd op 18 augustus voor een zitting op 26 augustus – acht dagen later. Toen vond de voorzitter dat dit wél kon. Waarom kan het nu plots niet meer?
De voorzitter schuift in zijn communicatie naar de oppositieleden naar voren dat een samenroeping “niet nodig” zou zijn. Daarmee gaat hij zijn boekje ver te buiten. Een gemeenteraadsvoorzitter heeft immers niet de taak de wet naar zijn goeddunken te interpreteren, wel om die correct toe te passen. Had hij het Decreet Lokaal Bestuur (met name artikel 19) grondig gelezen, dan wist hij dat hij verplicht is de gemeenteraad samen te roepen op verzoek van één derde van de leden, niets meer of minder.
De voorzitter stelt dat er geen sprake is van hoogdringendheid in dit dossier. Nochtans heeft de oppositie het woord hoogdringendheid nooit in de mond genomen. De voorzitter verwart dit met spoedeisendheid, wat wél decretaal is vastgelegd. Spoedeisendheid kan enkel gelden voor een agendapunt dat bijvoorbeeld ter zitting wordt ingediend, en kan pas na goedkeuring met een tweederdemeerderheid aan de agenda worden toegevoegd. Dit is dus iets wat een oppositie nooit kan afdwingen zolang de meerderheid de rangen sluit. Deze spraakverwarring is alweer een flater van de voorzitter.
“Bedisselen van een onderhandse ruil”
Het is niet de eerste keer dat de burgemeester en de voorzitter de regels naar hun hand zetten of eenvoudigweg naast zich neerleggen. Tijdens de vorige gemeenteraad zagen we hoe in allerijl nog documenten werden toegevoegd om de rooilijnplannen in de Kloosterstraat door te drukken en de burgemeester erop aandrong om het punt alsnog te behandelen. Dit is een schoolvoorbeeld van hoe het niet hoort. Was dit dan spoedeisend? We verwijzen hierbij naar het huishoudelijk reglement (Artikel 15 §2 ‘Een punt dat niet op de agenda voorkomt, mag niet in bespreking worden gebracht, behalve in spoedeisende gevallen, indien het geringste uitstel gevaar zou kunnen opleveren’).
Het argument van het presentiegeld, aangehaald op TV Oost en in de uiteenzetting door de gemeenteraadsvoorzitter op de zitting van 26 augustus 2025, is al helemaal beneden alle peil. Democratie kost inderdaad tijd en geld. Door het niet opdagen van de meerderheid op de vorige zitting, is er geen geldige beraadslaging gebeurd, en worden er aldus geen presentiegelden uitgekeerd. Wij offeren als oppositieleden onze tijd op voor het algemeen belang. Wij worden hiervoor niet vergoed, hoewel het schepencollege een behoorlijke wedde uitgekeerd krijgt, of ze nu komen opdagen of niet. Dan mogen we aannemen dat ze toch aan behoorlijk bestuur zouden doen?
Het verlies dat de stad lijdt door het bedisselen van een onderhandse ruil in plaats van het openbaar verkopen van grond – bedraagt vele malen meer dan de kost van een extra gemeenteraad: enkele tientallen duizenden euro’s aan publieke middelen. Het is dan ook hypocriet om ons weg te zetten als “geldwolven”.
“Trumpiaans”
De waarheid is eenvoudig: wij voeren een sterke oppositie die de meerderheid probeert te weerhouden van fouten en stommiteiten. Mochten zij overtuigd zijn van hun gelijk, dan zouden zij geen enkel probleem hebben met een tweede oproep in te willigen. Ze beschikken tenslotte over een numerieke meerderheid en zouden dus altijd het pleit moeten winnen op voorwaarde dat ze allemaal aanwezig zouden zijn. Dat ze systematisch het debat uit de weg gaan, is een democratisch probleem van formaat.
De voorzitter verklaart in ‘Het Laatste Nieuws’ dat hij de oppositie ter wille is door het punt op de volgende reguliere gemeenteraad van 30 september te agenderen. Dit is geenszins een gunst naar de oppositie toe. Hij probeert hiermee te verhinderen dat de oppositie zelf een tweede oproeping lanceert. Dit is echter bewuste manipulatie van het democratisch proces. De Vereniging voor Vlaamse Steden en Gemeenten (VVSG) stipuleert namelijk zelf dat een tweede oproeping, uitgaande van de oppositie perfect kan, ongeacht de oproeping uitgaande van de meerderheid.
We herinneren bovendien aan de manier waarop de gemeenteraadsvoorzitter zich tijdens de extra gemeenteraad van 26 augustus jongstleden opstelde. Toen nam hij uitgebreid het woord om de oppositie de les te spellen, zonder enige mogelijkheid tot wederwoord, waarna het audioverslag abrupt werd afgesloten. Dit soort praktijken doet denken aan Trumpiaanse toestanden: het naar de hand zetten van de wet of er zelfs buiten kleuren, enkel en alleen om het eigen grote gelijk te behouden.
De grote vraag is en blijft: waarom voert de voorzitter zijn taak bij de eerste oproeping correct uit, en bij de tweede oproeping niet meer, hoewel de tweede oproeping wel degelijk correct ingediend is.
Of spelen er hier andere motieven, zoals het proberen toedekken van dit dossier?






