Geraardsbergen. De geplande herinrichting van de N42 tussen de Witte Brug in Zottegem en de Gentweg in Sint-Lievens-Esse/Herzele is veel meer dan een klassiek wegenproject. Het is een dossier dat al decennialang aansleept en lokaal diepe sporen heeft nagelaten. Wat op papier een oplossing moet bieden voor doorgaand verkeer door woonkernen, is in de praktijk uitgegroeid tot een symbooldossier over mobiliteit, leefbaarheid, open ruimte en vertrouwen in de overheid.
De bestaande verkeerssituatie op en rond de N42 is al jaren problematisch. Vooral Sint-Lievens-Esse wordt daarbij vaak genoemd als een plaats waar verkeersdruk, geluid en onveiligheid zwaar doorwegen op de leefkwaliteit. Voorstanders van het project zien de rondweg dan ook als een noodzakelijke ingreep om het verkeer uit de dorpskern te halen en de verbinding richting Gent en de autosnelwegen te verbeteren.
Voordelen
Een duidelijke, beter uitgeruste gewestweg kan het verkeer veiliger en vlotter maken. Minder sluipverkeer in dorpskernen betekent potentieel
meer verkeersveiligheid voor fietsers, voetgangers en bewoners. Ook voor pendelaars en bedrijven in de ruime regio, waaronder Geraardsbergen, kan een vlottere verbinding aantrekkelijk zijn. Wie elke dag richting Gent, Wetteren of de E40 moet, weet dat slechte doorstroming geen abstract probleem is.
Geraardsbergen wordt eindelijk richting Zottegem en Gent ontsloten. Een vlottere N42 kan pendelaars betrouwbaardere reistijden bieden en bedrijven een betere toegang geven tot klanten, leveranciers en werknemers. Een betere verbinding maakt Geraardsbergen aantrekkelijker als woon- en werkstad en kan de positie van lokale ondernemingen versterken. Daarnaast kan verkeer meer gebundeld worden op wegen die daarvoor bedoeld zijn, waardoor sommige kleinere dorpswegen minder druk worden.
Nadelen
De voordelen blijven wel grotendeels indirect. De rondweg ligt niet op het grondgebied van Geraardsbergen, maar kan de stad wel beter verbinden met de ruimere regio. De echte winst hangt af van de uiteindelijke uitvoering en van de vraag of er geen nieuwe verkeersknelpunten ontstaan.
Maar net daar zit ook de zwakte van het project. Een nieuwe weg lost bestaande verkeersdruk niet automatisch op. Ze kan ook nieuw verkeer aantrekken. Dat is de klassieke paradox van infrastructuur: meer capaciteit kan de doorstroming verbeteren, maar tegelijk extra autoverkeer stimuleren. Tegenstanders vrezen dat de rondweg niet alleen verkeer uit Sint-Lievens-Esse haalt, maar ook een snellere doorgang creëert die de verkeersdruk elders verhoogt. De vraag is dus ook maar waar het opnieuw vastloopt. Als de knelpunten verschuiven naar andere kruispunten, dorpen of toegangswegen, is de winst gedeeltelijk schijn.
Daarnaast is de ruimtelijke impact aanzienlijk. Een nieuw tracé snijdt door open ruimte en verandert het karakter van een landelijk gebied. Voor omwonenden betekent dat mogelijk onteigeningen, geluidshinder, lichtvervuiling en verlies van uitzicht of rust. Voor landbouwers kan het leiden tot versnippering van percelen. Dat maakt het dossier zo explosief. De baten zijn regionaal en collectief, de lasten vaak lokaal en concreet.
Geen mirakeloplossing
De N42-rondweg is geen mirakeloplossing, maar de huidige verkeerssituatie vraagt wel om een ingreep die dorpskernen ontlast en de regio beter bereikbaar maakt. Net daarom moet de overheid aantonen dat het nieuwe tracé méér is dan extra asfalt: goed ingepast, verkeersveilig en met respect voor open ruimte en omwonenden. Alleen als dat lukt, wordt de N42 geen nieuw twistpunt, maar een geloofwaardige oplossing na jaren van protest en stilstand.
Julien Borremans






