Afval wordt grondstof: ‘t Uniek en Be-Band bouwen aan circulaire economie in Geraardsbergen

Geraardsbergen. Bij ’t Uniek geven ze kleding en textiel een tweede leven via upcycling, volgens de principes van Reduce, Reuse, Recycle, Refuse, Rethink, Repair en Relove. Bruikbare stoffen (vooral jeans) worden uit de afvalstroom van het sorteercentrum op de Unasite gehaald. Daar worden nieuwe producten van gemaakt: laptoptassen, handtassen, kussens, gordijnen op maat… Ook retouches en gepersonaliseerde stukken voor bedrijven worden daar ontwikkeld. Daarnaast verhuren ze palletzetels.

Creatief upcyclingatelier met sociaal hart
Klanten kunnen in ’t Uniek ook retouches laten doen, zowel voor particulieren als voor winkels. Van plastic zeilen – die normaal na gebruik worden weggegooid – worden laptoptasjes, hoezen voor muziekinstallaties, portemonnees… gemaakt. Ze bieden zaken in verkoop aan, maar maken ook ontwerpen op maat.

Momenteel telt het atelier vier medewerkers, grotendeels via maatwerktrajecten. Het zijn mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt die opnieuw leren werken, vaak met veel begeleiding. Liselotte Klijn – coördinator van ’t Uniek – benadrukt dat vakmanschap cruciaal is: “Klanten verwachten dat het netjes is. Een broek verkorten voor 4 euro en er dan 9 euro voor rekenen, dat accepteren ze niet als het slordig is.”

Hun materialen krijgen ze van Kringwinkel Zuid-Oost-Vlaanderen. Zo bouwen ze mee aan een circulaire economie en versterken ze lokale sociale initiatieven. Je vindt hun creaties in de pop-up ’t Uniek in Schendelbeke én online.

Nu de winkel in Brakel stopt, moeten ze kijken hoe het verdergaat. Door de sluiting van de fysieke winkel in Brakel wordt ’t Uniek omgevormd tot een atelier met showroom. De focus verschuift naar B2B (van bedrijf tot bedrijf) en een webshop.

Fietsbanden als grondstof
Karel De Moyer is de drijvende kracht achter Be-Band – Upcycling binnenbanden. Hij verzamelt gebruikte fietsbanden die anders verbrand zouden worden en zet ze om in duurzame producten zoals laptoptassen, pennenzakken, handtassen, heuptassen, broeksriemen, portefeuilles, sporttassen… Een uitgebreid overzicht vindt u op de website.

Wanneer een binnenband wordt doorboord en dus onbruikbaar wordt, wordt deze meteen afgeschreven en vervangen. Een typisch voorbeeld van onze wegwerpmaatschappij. Binnenbanden zijn ontworpen om bestand te zijn tegen extreme gebruiksomstandigheden. Hun technische kenmerken (duurzaamheid, waterdichtheid, sterkte en lichtheid) zijn uitstekend in vergelijking met traditionele materialen.

Fietsherstellers moeten kapotte binnenbanden inzamelen en naar erkende verwerkers brengen, waar ze als restafval worden beschouwd en verbrand. Door de Bikeboom van de laatste jaren zal dit voor een ongeziene afvalstroom zorgen.

Karel wil een systeem opzetten waarbij fietswinkels en brommergarages inzamelboxen krijgen. Zijn ambitie is om te verbinden met circa 2800 partners (waaronder 1700 fietsenmakers en 1100 brommergarages), zodat er zo’n 2500 inzamelpunten ontstaan en jaarlijks tot wel 4500 ton binnenbanden kunnen worden geüpcycled.

Afval een tweede leven geven
Het butylrubber (synthetisch rubber) uit de binnenbanden kent tal van toepassingsgebieden, zoals dakbedekking, handschoenen, riemen en isolatie. Wat nu als afval zonder waarde wordt beschouwd, kan worden omgezet in nieuwe producten. Dit verkleint niet alleen de afvalberg, maar vormt ook een besparingsmaatregel voor fietsherstellers.

Van lattenbodems worden kasten en plafonds gemaakt. Karel werkt zowel B2B (van bedrijf tot bedrijf) als B2C (van bedrijf tot klant). Hij is ook van plan om met het rubber van de binnenbanden CO₂-neutraal bouwmateriaal te maken. Europa zal dit via de Green Deal opleggen.

Karel De Moyer: “Ik vraag altijd aan bedrijfsleiders hoeveel ze voor afval betalen. Vaak weten ze dat niet. Maar de dag dat ze het nagaan, staan ze snel aan mijn deur.”

Zo heeft hij recent een project afgewerkt voor SomatiFie, Sleeplife (Aalst-Halle) en in samenwerking met Maaat (maatwerkbedrijf uit Aalst). Met hun afval creëerde hij inzamelmanden, om verschillende reststromen in te zamelen.

“De circulaire economie vraagt nog heel veel investeringen, maar het is een mogelijkheid om het vele afval dat we produceren een tweede leven te geven. Circulaire economie is in volle opbouw en binnen vier tot vijf jaar zal dit tot volle ontwikkeling komen”, besluit Karel De Moyer. De ondernemer staat elke zaterdagvoormiddag op de korte ketenmarkt op het kerkplein te Nederboelare. Je kan hem daar ontmoeten.

Samenwerking en toekomstvisie
Liselotte en Karel werken samen in het atelier van ’t Uniek, gevestigd op het bedrijventerrein te Schendelbeke. Hun projecten combineren circulaire economie met sociale tewerkstelling. Beide benadrukken dat kwaliteit en storytelling cruciaal zijn om producten aan de man te brengen. Klanten kopen niet alleen een tas of accessoire, maar vooral het verhaal: lokaal, duurzaam en sociaal.

“Het is een voortdurend zoekproces. Je moet kwaliteit kunnen bieden om concurrentieel te zijn. Daarmee kan je de klant overtuigen. Het gaat ook over het sociale en het lokale verhaal en dat wint steeds meer aan belang.”

Ze erkennen dat het niet eenvoudig is. Circulaire producten zijn vaak duurder dan Chinese import, en het vinden van de juiste medewerkers en afzetmarkt vergt tijd en volharding. Toch zijn ze optimistisch: de vraag naar duurzame, lokale producten groeit, zeker bij bewustere consumenten.

Het werk van Liselotte Klijn (’t Uniek) en Karel De Moyer (Be-Band) in Geraardsbergen toont concreet hoe een kringwinkel verder kan gaan dan tweedehandsproducten verkopen. Door afval slim te verwerken, mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt aan het werk te helpen en samen te werken met bedrijven, bouwen ze aan een echte circulaire economie op lokaal niveau.Julien Borremans

Meer info: https://beband.be/  & https://www.tuniek.be/