“De Giezbaargske Internationale”


Naar aanleiding van het Feest van de Arbeid schreef Albert Schrever een tekst die u hieronder kan lezen.

Kort geleden vond ik in mijn brievenbus een fiche met daarop een verrassende tekst die als titel meekreeg: “De Giezbaargske Internationale”. Op de keerzijde sloot de schrijver  de tekst  van  het strijdlied  af met “beleefde groeten” en hij ondertekende  met de naam “Jef”.  Wie dat concreet mag zijn  weet ik vooralsnog niet maar in het kader van het “Feest van de Arbeid” willen we daar toch even over uitweiden….
Geïnspireerd door de slogan “Arbeiders aller landen verenigt u” (Karl Marx en Friedrich Engels) vond in 1864 in Londen de “Eerste Internationale” plaats met als bedoeling de Britse en Frans arbeidersklasse te ontvoogden. Spoedig waaide de beweging uit over heel Europa zodat er rond 1870   bijna 300.000 leden waren aangesloten. Wegens onderlinge misverstanden en geschillen hield de vereniging geen tien jaar later op te bestaan…
De initiatieven om het lot van de arbeiders  te verbeteren  bleven verder leven en zo werd In juni 1889  in Parijs de “Twee Internationale” gesticht. Naar het Amerikaans voorbeeld  ijverde de beweging voor o.m. de werkdag van acht  uur. Uiteindelijk  werd het de actie voor de “drie achten”: acht uur arbeid, acht uur rust en acht uur voor de “zelfontplooiing”. Het stichtingscongres van de “Tweede Internationale” besliste ook dat overal en op een welbepaalde vaste datum een grote internationale manifestatie moest plaatsvinden  wat de overheid  moest aanmanen de arbeidsdag wettelijk tot acht uur te beperken… In 1891 bepaalde de “Tweede Internationale” dat de eerste mei een internationale feestdag werd: het “Feest van de Arbeid”…
De Tweede Internationale besliste in 1892  het lied, geschreven door Eugène Pottier en gecomponeerd door Pierre De Geyter, als officieel strijdlied van de beweging te proclameren. In 1944 werd het ook het volkslied van de Sovjet Unie.
 De meest bekende Nederlandse bewerking van de Internationale werd in 1900 geschreven door de dichteres Henriette Roland Holst en het kent als aanhef: “Ontwaakt, onderworpenen der Aarde! Ontwaakt, verdoemden in hongers sfeer!” ” (een fraaie omzetting van het Franse origineel “Debout les damn és de la terre! Debout les forçats de la faim!”.  
 
En rood es troef!
Wanneer die uitroep precies is ontstaan zal een nooit beantwoorde vraag blijven maar het staat vast dat hij na de “Tweede Internationale” in 1871 tot leven kwam en met een term uit het kaartspel “Troef is de winnende kaart” symbolisch aangeeft dat de socialisten het voor het zeggen hebben. Dit sloganesk zinnetje werd zodanig populair dat het inspiratie was voor massaal veel teksten en evenveel populaire politieke liedjes met nog meer varianten. Een ervan kregen wij in onze brievenbus en het bevat aardig wat verwijzingen naar gegevens uit het politieke leven in Geraardsbergen in de eerste helft van de twintigste eeuw. Een kritische lezing leert ons dat er historisch onjuiste elementen in voorkomen.

In het eerste zinnetje “De zjeven  zijn bedoeft” gaat het over “de zjeven”, een woord dat verwijst naar een “zjeef”, een aanhanger van de  19de-eeuwse Sint-Jozefsgilde, een katholieke arbeidersvereniging.  Uit die heiligennaam “Jozef” ontstonden taalkundige en regionale  varianten als  “Jef”, “Zjef”, “Zjeef”, Tjeef”…  “De zjeven  zijn bedoeft” betekent evenveel als “ze zijn verdorven, rot, waardeloos verloren…”
Daarna wordt aan  “madam Flamang” gevraagd een kleed te geven in ruim waarvoor de kiezersstem van de echtgenoot gereed ligt. Mevrouw Flamant wordt uitgenodigd te gaan kijken naar stem die op de naaimachine gereed ligt. “Mevrouw Flamant” kan verwijzen naar de echtgenote van de Adrien Flamant (1846-1923), eigenaar van een weverij en katholieke burgemeester van 1900 tot 1921. Het kan echter ook de verwijzing zijn naar diens zoon Gustaaf Flamant (1891-1972), die zijn beroep als apotheker opzegde wanneer hij katholieke burgemeester werd van 1921 tot 1926.  Hier  vinden we een spottende  verwijzing naar politici die  de kiezers voor hun stem “uitkochten” met allerlei giften in natura.

Na de herhaalde oproep “Stem voor Flamant” volgt ook nog een uitnodiging om te stemmen voor “Vincang”, de offici ële vorm van de voornaam Vincent. Wordt hier verwezen naar Vincent Diericx (1862-1947), katholiek gemeenteraadslid (1890-1895 en 1899-1911) en volksvertegenwoordiger (1894-1898)? Historische onjuistheden zijn niet uitzonderlijk in politieke pamfletten. Daarna volgt de verwijzing naar dokter Paul Pieraert (1871-1910) die katholiek gemeenteraadslid (1899-1907) was en volksvertegenwoordiger van 1902-1904 en van 1907-1910. Dokter Pieraert schreef voor zijn zieken een voorschrift in het Latijn om een flesje medicijnen te halen bij de apothekers Hector (1877-1943) of Julien Vanden Daelen (1883 1963) die geen politiek mandaat uitoefenden.
Het politiek liedje werd afgerond met de woorden waarmee het begon: “En rood is troef”.
We blijven in het ongewisse over Jef, de persoon die ons de steekkaart toestuurde.