Analyse: peanuts voor de Denderstreek

De Denderregio, met haar veertien gemeenten zoals Ninove, Geraardsbergen, Aalst en Dendermonde, blijft ondanks jarenlange smeekbedes ondergefinancierd en ondergewaardeerd. “Waar Antwerpen miljarden euro’s ziet toestromen voor prestigeprojecten als de Oosterweelverbinding, krijgt de Denderstreek een schamele 6 miljoen euro aan Europese EFRO-middelen”, stelt Vlaams Parlementslid Freija Van den Driessche (Vlaams Belang) pijnlijk vast. Dat bedrag blijkt bij lange na niet voldoende om de structurele problemen in de regio aan te pakken.

De cijfers spreken voor zich. Voor de oproep ‘Slimme vaardigheden in de Denderregio’ werden tien aanvragen ingediend voor een totaalbedrag van 13,7 miljoen euro. Beschikbaar? Slechts 2,5 miljoen. Voor duurzame multimodale mobiliteit dienden zes projecten aanvragen in ter waarde van 2,1 miljoen euro, terwijl er amper 500.000 euro beschikbaar was. Het toont niet alleen de nood, maar ook de schrijnende onderfinanciering.

Deze oproepen zijn deel van de Europese EFRO-pot van 101 miljoen euro die over heel Vlaanderen verdeeld wordt. Wat in eerste instantie werd aangekondigd als een ‘eerste stap om de achterstand weg te werken’, blijkt in de praktijk een mini-stap zonder zicht op vervolg. Na deze ronde zijn er immers geen middelen meer over voor nieuwe oproepen in de Denderregio.

Geen visie, geen plan, geen toekomst
Vlaams Parlementslid Freija Van den Driessche slaat de nagel op de kop: de Vlaamse regering heeft geen langetermijnvisie voor de Denderstreek. Er is geen robuust investeringsplan, geen structurele strategie, enkel losse projectoproepen die nauwelijks de oppervlakte krassen. Bovendien blijkt dat vooral intercommunales en overheden aanvragen indienen — de bedrijfswereld blijft opvallend afwezig. Dat wijst op een regio die afhankelijk is van overheidssturing en waar private investeringen achterwege blijven door het gebrek aan vertrouwen en perspectief.

De Denderregio is een van de meest kwetsbare gebieden in Vlaanderen. Met de laagste jobratio van Vlaanderen — slechts 50% van de actieve bevolking vindt lokaal werk — en een onderontwikkelde hogeronderwijsinfrastructuur, zijn de inwoners veroordeeld tot pendelstromen richting Brussel en andere grootsteden. Deze sociaal-economische zwakte maakt de regio bijzonder gevoelig voor uitstroom van jong talent en ondernemerschap, wat de negatieve spiraal alleen maar versterkt.

“Opvallend is ook dat vooral intercommunales en overheden intekenen op deze oproepen, in tegenstelling tot de bedrijfswereld. Dit toont aan hoezeer de regio afhankelijk blijft van overheidsinitiatieven”, merkt Van den Driessche nog op.

Hypocrisie in Vlaams beleid
Dat de Vlaamse regering miljarden uittrekt voor Antwerpen, terwijl de Denderstreek met een habbekrats wordt afgescheept, is niet alleen een kwestie van ongelijkheid, maar ook van politieke hypocrisie, aldus Van den Driessche. De roep om een volwaardige Geïntegreerde Territoriale Investering (GTI), waarbij Europese middelen via Vlaanderen gericht in de Denderstreek worden ingezet, wordt al jaren genegeerd. De beloftes die nu gemaakt worden — dat pas in 2026 inhoudelijke voorbereidingen starten en tegen 2028 iets concreets zal volgen — klinken hol voor een regio die vandaag oplossingen nodig heeft.

Terwijl Vlaanderen zichzelf profileert als een innovatieve, welvarende regio, is de Denderstreek een vergeten regio die het van wat kruimels moet hebben. De economische kloof groeit, de armoede- en werkloosheidscijfers blijven hardnekkig hoog, en de lokale besturen staan machteloos zonder serieuze ondersteuning. De Europese middelen, bedoeld om regionale ongelijkheden te verkleinen, dreigen in Vlaanderen eerder de verschillen te bestendigen omdat ze niet structureel, maar louter projectmatig worden ingezet.

Politiek tekort, sociaal deficit
Wat de Denderregio nodig heeft, is gaan lapwerk, maar een gecoördineerde, langetermijnstrategie waarin mobiliteit, onderwijs, werkgelegenheid en leefbaarheid centraal staan. Alleen zo kan de regio aantrekkelijker worden voor bewoners en bedrijven.

Als Vlaanderen niet wil dat de Denderstreek verder afglijdt, is het tijd om woorden om te zetten in daden. Minder prestigeprojecten, meer structurele rechtvaardigheid.

Julien Borremans