Geraardsbergen. Voor Christa Torrekens, die in de Volderstraat woont, vormt de bushalte pal voor haar deur al jaren een bron van ergernis. Wat in eerste instantie “handig” leek, zorgt volgens haar intussen voor overlast, viezigheid en stress.

Wie aan de halte wacht, blijft niet altijd bij de bushokje. “Heel wat mensen zijn fatsoenlijk, maar er zijn er ook die dat veel minder zijn. Sommigen gaan op mijn vensterbank zitten of kijken schaamteloos naar binnen. Om mijn privacy te beschermen heb ik dikke gordijnen en grote planten voor het raam gezet,” legt Christa uit.
De vuilnisbak als grootste probleem
Nog meer dan de inkijk stoort de bewoonster zich aan de vuilnisbak die pal voor haar gevel staat. “Een hondenliefhebster propt de vuilnisbak telkens vol met zakjes hondenpoep. Dat zorgt niet alleen voor een ondraaglijke stank, maar ook voor vliegenplagen. Die komen zelfs mijn woning binnen.”
Om de overlast te beperken plaatste Christa vliegenvangers, maar zonder veel succes. Uit wanhoop gooide ze een doek over de vuilnisbak en bond er een touw rond. “Dat was buiten de hondenliefhebster gerekend. Ze diende een klacht in en nu dreig ik een GAS-boete van 350 euro te krijgen.”
Mislukte bemiddelingspogingen
Christa benadrukt dat ze al verschillende keren contact heeft opgenomen met de stad en de milieudienst. Ze probeerde het probleem diplomatiek op te lossen, maar zonder resultaat. “Volgende week heb ik opnieuw een afspraak bij de dienst milieu, mét foto’s. Ik ga er mentaal onderdoor om die viezigheid pal voor mijn deur te hebben.”

Wat Christa het meest frustreert, is dat andere bushaltes in de deelgemeenten helemaal geen vuilnisbak hebben. “Zelfs aan de ingang van de Gavers is er een bushalte met hokje, maar zonder vuilnisbak. Waarom moet er dan net bij mij een staan? Ik vraag gewoon dat die vuilbak wordt verplaatst naar de volgende halte.”
Noodkreet
De bewoonster voelt zich niet gehoord en uit openlijk haar wanhoop: “De permanente druk en overlast bezorgen me zoveel stress dat ik een depressie nabij ben. Ik hoop dat de stad eindelijk mijn situatie ernstig neemt. Ik wil geen overlast meer, gewoon opnieuw rustig kunnen wonen.”
Julien Borremans







