Participatietraject Taalpedalen roept vragen op: gratis fietsen en amper twee deelnemers uit Geraardsbergen

Geraardsbergen. Deelnemers aan het traject Taalpedalen ontvingen na vijftien gratis lessen niet alleen een diploma, maar ook een gratis tweedehandsfiets, een gratis fietshelm en een gratis fluohesje. Opvallend daarbij: slechts twee van de zestien deelnemers waren afkomstig uit Geraardsbergen. Schepen van Onderwijs Griet Blaton verdedigde Taalpedalen als “een mooi traject” dat inzet op mobiliteit, zelfstandigheid en tewerkstelling.

Taalpedalen zijn fietslessen voor volwassenen. “Via de lessenreeks Taalpedalen krijgen volwassenen de mogelijkheid om te leren fietsen. De reeks bestaat uit 15 lessen, waarvan 12 praktijklessen, 2 theorielessen en één afsluitend slotmoment met diploma-uitreiking,” zo staat op de website van stad Geraardsbergen te lezen.

“Cadeaubeleid”
Deze vaststelling vormde het vertrekpunt voor de kritiek die raadslid Filip Pletinckx (Vlaams Belang) tijdens de gemeenteraad van 25 november uitte over het project, een samenwerking tussen Stad Geraardsbergen, Groep Intro en Ligo. Hij vroeg welke inspanningen nieuwkomers zelf moeten leveren om Nederlands te leren en welke verplichtingen daaraan gekoppeld zijn. Zijn verdere onderzoek naar het traject deed hem naar eigen zeggen “verstommen”.

Pletinckx wees erop dat deelnemers, naast de gratis lessen en materialen, tijdens de diploma-uitreiking ook nog eens getrakteerd werden. “Grotendeels betaald met belastinggeld,” voegde hij eraan toe. Het raadslid noemt dit ongelijke behandeling, zeker gezien de minimale lokale deelname. De rest van de groep bestond uit nieuwkomers of cursisten uit het bredere samenwerkingsverband.

Volgens Pletinckx moeten het leren van Nederlands en integratie verplichtingen zijn en geen vrijblijvende keuzes. “Het gratis uitdelen van fietsen, helmen, hesjes en feestelijkheden is een verkeerd signaal. Het trekt mensen aan die voordelen zoeken in plaats van te integreren uit overtuiging. Dit werkt averechts,” verklaarde hij.

Daarnaast uitte hij een reeks bijkomende bedenkingen: de ongelijke behandeling tussen nieuwkomers en Geraardsbergenaren, de afwezigheid van duidelijke verplichtingen voor inburgeraars, een mogelijk aanzuigeffect, de ongelijkheid tegenover inwoners die moeten betalen voor Hoppy-deelfietsen, het risico dat dit cadeaubeleid structureel wordt en de beperkte transparantie rond de kosten.

Mobiliteit, zelfstandigheid en tewerkstelling
Schepen van Onderwijs Griet Blaton verdedigde Taalpedalen als “een mooi traject” dat inzet op mobiliteit, zelfstandigheid en tewerkstelling. Hoewel de naam anders doet vermoeden, gaat het niet om een taalcursus maar om leren fietsen, mét optionele taalcomponent. Het programma richtte zich op deelnemers met een grote afstand tot de arbeidsmarkt.

De totale kostprijs bedroeg 8.887 euro, waarvan de stad 1.470 euro betaalde; de rest werd gefinancierd via subsidies sociale economie en het Aanvullend Lokaal Dienstenaanbod. Het aanbod stond open voor alle inwoners, maar volgens de schepen werd het traject onvoldoende bekendgemaakt, wat verklaart waarom slechts twee lokale deelnemers instapten. Van de zestien deelnemers slaagden er vijftien.

Pletinckx houdt echter voet bij stuk: “Integratie is belangrijk, maar het mag niet leiden tot ongelijkheid. Inburgering is een engagement, geen cadeau.” Hij vroeg het college of gelijkaardige voordelen ook zullen gelden voor vrijwilligers, minder bedeelden en andere actieve inwoners van de stad.

Het stadsbestuur bevestigde dat Taalpedalen in 2026 wordt hernomen, met ruimere communicatie om meer Geraardsbergenaren te bereiken.

Julien Borremans