Na het overlijden van Paul Van den Berge (ere-directeur van de basisschool Onze-Lieve-Vrouw van Deinsbekecollege Zottegem en ere-voorzitter van het Christelijk Onderwijzersverbond (COV), kring Zottegem), zie link, geeft Marc De Groote, zelf jarenlang directeur van het Sint-Barbaracollege in Zottegem (zie link) een overzicht van de carriere van Paul Van den Berge in het Onze-Lieve-Vrouw van Deinsbekecollege.
Loopbaan Paul Van den Berge in de basisschool Onze-Lieve-Vrouw van Deinsbekecollege te Zottegem 1959-1993
Paul Van den Berge werd in 1959 eerst leraar in de ‘zesde moderne’ (nu eerste jaar secundair) en trad vanaf 1960 in dienst als onderwijzer van het zesde leerjaar in de Kasteelstraat. Na het behalen van het DHOS-diploma werd Paul in 1977 opvolger van Willy De Smet als directeur van de basisschool.
Net zoals zijn voorganger was Paul geëngageerd in het Christelijk Onderwijzersverbond (COV), onder meer als kringvoorzitter Zottegem.
Als directeur maakte hij de weerslag mee van de vele maatschappelijke wijzigingen. Eén ervan was de grotere zorgverstrekking die van de scholen verwacht werd zoals het aanbieden van warme maaltijden op school, het verzorgen van een voor- en naschoolse opvang, woensdagnamiddag activiteiten… De inspraak in het schoolse gebeuren kreeg vorm via een oudervereniging, de participatieraad,… Maar ook het hertekenen van praktisch alle leerplannen: taal, wereldoriëntatie, wiskunde… werd zijn deel.
Op initiatief van directeur Van den Berge startte het zesde leerjaar van de lagere school in 1978 met een nieuwe initiatief: openluchtklassen in de Ardennen als middel tot geïntegreerd studeren, en tevens als een leerschool in samenleven. Een primeur voor de streek! Waarneming ’te velde’ kon daar intens verbonden worden met lessen in natuurkennis of aardrijkskunde, verbale expressie of wiskunde.
De bijzondere aandacht van directeur Van den Berge voor kansarmen, voor leerlingen met een leerachterstand of -probleem voor taal en/ of rekenen resulteerde in het ontstaan en evolueren van de aanpassingsklas, de vlotte samenwerking met het PMS (nu CLB) en andere externe begeleiders.
Ook het louter administratieve werk wijzigde fel. Eén der meest ingrijpende veranderingen werd de invoering van het lestijdenpakket, wat de school een grotere vrijheid in de besteding ervan gaf. Ook de Personal Computer (PC) deed later zijn intrede voor administratief werk.
De trede voor het bord werd meer en meer verlaten voor een plaats tussen de schoolbanken. Het klassikaal lesgeven maakte plaats voor individualisering en differentiatie, met groepswerk en projectonderwijs als onmisbare instrumenten. Het einddoel werd niet langer leerplaninhouden overhevelen, maar wel de totale ontplooiing en ontwikkeling van jonge kinderen: hart, hoofd en handen. Er gebeurden sterke ontwikkelingen op het gebied van didactiek en methodiek door samenwerking van praktijkmensen. Ook de universiteiten ontdekten het basisonderwijs als werkvloer.
De verdiensten van Paul situeren zich op verschillende terreinen. Zijn pedagogische bekommernis was groot. Steeds weer vroeg hij aandacht voor opvoedkundige en didactische inzichten, nu eens oude en beproefde verworvenheden die niet mochten verloren gaan, dan weer nieuwe visies die op een gepaste manier moesten ingevoegd en toegepast worden. Paul ging steeds behoedzaam om met vernieuwingen en distilleerde vanuit zijn aanvoelen en ervaring ‘de gulden middenweg’.
Als schoolhoofd was hij een bron van concrete ervaring, om op een realistische en deskundige wijze collega’s en onderwijzers raad te geven. Bovenal leefde in de directeur vanuit zijn christelijke inspiratie de bekommernis voor de kinderen: voor de vorderingen van hun leertraject, voor hun opvoeding in voornaamheid, in openheid voor anderen en in geloof, voor hun lichamelijk welzijn en hun ontplooiing op sportief vlak.
Paul Van den Berge werd opgevolgd in 1993 door Marc De Groote om te genieten van een welverdiende pensioentijd.
Marc De Groote






