Oudenaarde stelt mobiliteitsplan richting 2035 voor: “Toekomstbeeld kompas voor alle keuzes”

Oudenaarde stelt een nieuw mobiliteitsplan voor dat richting geeft tot 2035, met een doorkijk naar 2050.

“Het plan vertrekt vanuit een toekomstbeeld waarin leefbaarheid centraal staat. Dat toekomstbeeld wordt ons kompas voor alle mobiliteitskeuzes in Oudenaarde”, zegt schepen van Mobiliteit Marieke De Vos (Meer dan Groen). “Het plan wordt op 30 april voorgelegd aan de gemeenteraad. Het mobiliteitsplan is het resultaat van een traject met inbreng van inwoners, stakeholders en experten. Via denkavonden met partners, een digitale bevraging bij inwoners en mobiliteitscafés werd input verzameld die mee de basis vormt van het plan. We vinden het belangrijk om mobiliteitskeuzes te maken met de mensen die er wonen, werken en zich verplaatsen. Hun input werd vertaald in vijf ambities en zeven strategieën die de richting van het toekomstige mobiliteitsbeleid bepalen. Het plan werd op 31 maart aan inwoners en stakeholders voorgesteld tijdens het laatste mobiliteitscafé. Centraal in het plan staat een langetermijnvisie op mobiliteit, met leefbaarheid als uitgangspunt. Mobiliteit moet in de eerste plaats werken voor onze inwoners. Het is een middel om de kwaliteit van de leefomgeving te versterken. Dit mobiliteitskompas maakt dat elke maatregel getoetst kan worden aan leefbaarheid, veiligheid, gezondheid, inclusie en bereikbaarheid. We maken duidelijke keuzes over hoe we mobiliteit willen organiseren, zonder alles volledig vast te zetten.”

Het plan legt per vervoersmiddel duidelijke accenten. Autoverkeer wordt gericht georganiseerd. Door verkeer te sturen, willen we doorgaand verkeer verminderen en de leefkwaliteit in woonwijken verhogen. De fiets moet een evident alternatief zijn voor dagelijkse verplaatsingen en vervoersmiddelen, zoals openbaar vervoer en deelmobiliteit, combineren moet eenvoudiger worden. Daarom zetten we in op veilige routes en betere verbindingen, ook voor kinderen en jongeren. Goederenverkeer blijft noodzakelijk, en wordt gestuurd via geschikte routes met duidelijke afspraken rond leveringen en parkeren. Ook over de inrichting van de stad is er een visie uitgewerkt. In kernen en woonstraten moet meer ruimte ontstaan om te wonen en te ontmoeten en zijn lagere snelheden logisch en nodig, terwijl op verbindingswegen doorstroming belangrijk blijft.  Het parkeren wordt strategisch georganiseerd. Straten en pleinen zijn er niet alleen om door te rijden, maar ook om in te leven. We verminderen het zoekverkeer en maken onze publieke ruimte aangenamer en veiliger. Wonen, werken en voorzieningen worden bij nieuwe ontwikkelingen dichter bij elkaar gebracht om duurzame verplaatsingen te stimuleren en lange autoritten te beperken.”

“Mobiliteit staat dan ook niet los van ruimte. Daarom starten we nu het mobiliteitsplan klaar is met de opmaak van het beleidsplan ruimte”, vult schepen Kristof Meerschaut (N-VA), bevoegd voor Ruimtelijke Ordening en Stadsontwikkeling aan. “Dat is een troef, omdat beide plannen elkaar kunnen versterken. Hoe we wonen, bouwen en ruimte geven aan groen en rust, bepaalt mee hoe we ons verplaatsen.”

Stap voor stap richting 2035 en 2050

“Het mobiliteitsplan legt de koers vast richting 2035 met een doorkijk naar 2050. Het bevat geen onmiddellijke invoering van concrete maatregelen. Die worden later gefaseerd uitgewerkt en per wijk verder bepaald, in overleg met bewoners en partners. Met dit beleidsplan leggen we niet vast wat morgen overal op straat verandert. Concrete ingrepen volgen stap voor stap en werken we verder uit samen met wie er woont, werkt en zich verplaatst”, besluit schepen De Vos. “Na de goedkeuring door de gemeenteraad zal het plan beschikbaar zijn via www.oudenaarde.be/mobiliteitsplan.”