Schendelbeke. Bewoners van de Burgemeester Van Liefferingestraat zijn woedend over de nieuwe speeltuin die in hun wijk is aangelegd. Ze klagen over overlast, ernstige veiligheidsproblemen en het feit dat hun bezwaren door het stadsbestuur compleet genegeerd werden. Volgens de omwonenden is de speeltuin op een absurde locatie geplaatst, vlak naast de spoorweg, zonder voldoende toezicht en met enorme hinder voor de buurt. “Bovendien kunnen spelende kinderen zo de spoorweg op. Het is wachten op een ongeluk”, zegt een buurtbewoner.

De bewoners dienden bij burgemeester Fernand Van Trimpont een petitie in tegen de aanleg van een speeltuintje voor kinderen aan de voetgangersweg langs de spoorweg naar de Moenebroekstraat. “We zijn uiteraard niet tegen een speeltuintje in de wijk, maar de locatie is bijzonder slecht gekozen”, zegt een buurtbewoner. “De overlast van spelende kinderen is bijzonder groot. Bovendien troepen jongeren van andere buurten hier samen. De rotzooi die ze achterlaten, moeten we zelf opruimen. Er is weinig sociale controle, omdat het speelpleintje in een uithoek ligt. Waarom werd het niet in het midden van de wijk op een open plaats aangelegd?”
Communicatie
De communicatie met het stadsbestuur laat volgens de bewoners veel te wensen over. “Na het indienen van de petitie en een brief met onze bezwaren vernamen we niets meer. Ik heb toen met de burgemeester zelf gebeld, maar zelfs daarna kregen we niets meer van hem te horen”, vertelt een bewoonster. “Die ging me iets laten weten, maar daar heb ik niks meer van gehoord. Ik heb berichtjes gestuurd, maar niets.”
Aanvankelijk was het speelpleintje op een andere plaats gepland. Na protest verhuisde het echter naar de spoorweg. De speeltuin werd al snel in gebruik genomen, hoewel hij officieel nog niet open is.
De grootste frustratie betreft de locatie en de overlast. “Het is een speeltuin voor heel kleine kindjes, maar het is gewoon een absurde plaats”, stelt een bewoner. “Er is geen enkele controle en het ligt vlak naast een spoorweg.” Ouders kunnen hun kinderen niet in het oog houden omdat de speeltuin uit het zicht ligt. “Geen enkele ouder kan zijn kinderen hier zien spelen”, klinkt het. Bovendien is er amper sociale controle van de ouders.
Komisch
Bewoners klagen over constant roepen, tieren, fietsen midden op de voetweg en kinderen die tot laat buiten blijven. Er is geen vuilbak voorzien. “De reden daarvoor is dat dit tot sluikstorten leidt. Mensen laten hun afval naast de vuilbak achter. Er wordt geen vuilbak geplaatst om sluikstorten tegen te gaan. Het klinkt komisch”, zegt een bewoner. “Het onderhoud laat te wensen over. Het gras staat hoog. Er zijn ook geen rubberen tegels aan de speeltuigen voorzien voor de veiligheid van de kinderen.”
Een bewoonster vat het gevoel van velen samen: “Ik heb hier een woning gekocht voor de rust. Had ik het geweten dat hier een speeltuin zou komen, dan was ik dat hier hoogstwaarschijnlijk nooit komen wonen.”
De bewoners hopen dat de stad alsnog rekening houdt met hun bezorgdheden rond veiligheid, rust en properheid. Voorlopig blijft de speeltuin een bron van frustratie in wat ooit een rustige woonwijk was.
Burgemeester Van Trimpont reageert
“De locatie van het speelterrein was oorspronkelijk voorzien in combinatie met de WADI (waterafvoer en drainage) wat perfect
mogelijk is mits rekening houden met bepaalde regels. De WADI bleek echter te diep om het speelterrein erin op te nemen. Vanuit het lokaal bestuur is de vraag aan de projectontwikkelaar gesteld om een nieuwe ruimte te voorzien. Er is dan gekozen voor het perceel naast de spoorweg”, laat burgemeester Fernand Van Trimpont weten.
“Er is momenteel een Robinia-omheining met bloemenweide rond het speelterrein voorzien en we zijn in overleg met Infrabel omtrent de veiligheid naar de sporen. Een vuilnisbak wordt binnenkort geplaatst na het advies van de milieudienst over de plaatsing op het terrein en de voorzorgsmaatregelen rond sluikstorten. Als laatste staan we ook in contact met de politie en onderzoeken we de overlastklachten.
We weten dat er soms spanningen kunnen ontstaan tussen jong en oud over het gebruik van publieke ruimte, zeker wanneer die schaars is. Jongeren hebben nood aan plekken om rond te hangen, kinderen om te spelen, maar dat kan soms botsen met andere verwachtingen, zoals rust of netheid.
De stad kiest voor een positief, integraal beleid dat ruimte geeft én grenzen stelt. In geval van conflicten kunnen gedragscodes samen met jongeren worden opgesteld. Er wordt ingezet op dialoog, gedeelde verantwoordelijkheid en buurtversterking, o.a. via sensibilisering en een jeugdvriendelijke inrichting van de publieke ruimte. Zo ontstaat er een solidaire samenleving waarin elke generatie zijn plek vindt.”
Julien Borremans










