Criminele organisatie veroordeeld wegens drugshandel

De rechtbank van eerste aanleg Oost-Vlaanderen heeft een vrouw veroordeeld tot zeven jaar gevangenisstraf en een boete van 200.000 euro als leider van een criminele organisatie die zich bezighield met de invoer, verkoop en het bezit van cocaïne en synthetische drugs. In totaal stonden zeven beklaagden terecht. Naast de hoofdverdachte werden nog zes anderen veroordeeld, onder meer voor voorbereidende handelingen bij de invoer van drugs.

Het gerechtelijk onderzoek ging van start op 6 september 2022 en werd gevoerd met onder meer telefonieonderzoek, waaronder berichten via SKY ECC, en tapmaatregelen. Daaruit bleek dat meerdere personen betrokken waren bij een goed georganiseerde drugssmokkel vanuit Zuid-Amerika naar België. Cocaïne en MDMA werden verstopt in legale goederen zoals houtskool en kaolien, een kleisoort in poedervorm, en vervolgens per container verscheept.

Sleutelrol
Eenmaal aangekomen in België werden de ladingen overgebracht naar. Daar werden de drugs via chemische processen opnieuw uit de grondstoffen gehaald in zogenaamde cocaïnewasserijen.

De veroordeelde vrouw speelde volgens de rechtbank een sleutelrol in het netwerk. Als zaakvoerder van verschillende vennootschappen organiseerde ze het transport en de verwerking van de drugs. Samen met een medebeklaagde beheerde ze ook een Belgisch-Bulgaarse vennootschap die houtskool importeerde uit Colombia. Via die constructie werden ook loodsen gehuurd voor de verdere verwerking.

De feiten waarvoor de vrouw werd veroordeeld, speelden zich af tussen januari 2017 en juni 2023, al kon de rechtbank pas vanaf oktober 2019 voldoende bewijs vaststellen, onder meer via gebruik van een SKY ECC-telefoon.

Daarnaast was de vrouw ook betrokken bij plannen om 500 kilogram cocaïne in te voeren via een zouttransport uit Bonaire naar de Gentse haven. Voor de uithaling werd beroep gedaan op tussenpersonen en havenarbeiders.

Op 16 en 17 juni 2023 voerde de politie huiszoekingen uit bij de betrokkenen. Daarbij werden gsm-toestellen, simkaarten, computers, bankkaarten, boekhoudkundige documenten, drugs, een voertuig en cash geld in beslag genomen.

Criminele organisatie
Volgens de rechtbank was er duidelijk sprake van een gestructureerde criminele organisatie met een duidelijke taakverdeling. De leden werkten professioneel samen, gebruikten versleutelde communicatie en maakten gebruik van vennootschappen om de illegale activiteiten te verhullen.

De tweede beklaagde, de ex-man van de hoofdverdachte, speelde een rol in de internationale handel van houtskool en betaalde onder meer de huur van een loods. Hij zocht ook havenarbeiders om de drugs uit containers te halen. De rechtbank kon echter niet met zekerheid aantonen dat hij rechtstreeks betrokken was bij de invoer en verkoop van drugs, maar veroordeelde hem wel voor voorbereidende handelingen en de verkoop van cannabis. Hij kreeg 30 maanden cel met uitstel en een boete van 8.000 euro.

Ook de derde beklaagde, de pleegvader van de vrouw, werd vrijgesproken voor deelname aan de criminele organisatie wegens gebrek aan voldoende bewijs. Hij was wel betrokken bij de financiering van transporten en stond borg voor een loods, maar zijn precieze rol kon niet sluitend worden aangetoond.

De overige beklaagden werden veroordeeld voor hun rol bij de geplande invoer van 500 kilogram cocaïne via de Gentse haven. Twee havenarbeiders stelden hun expertise en toegang tot het havengebied ter beschikking. Zij zorgden voor toegang tot de terminals en zouden instaan voor de uithaling van de drugs. Twee andere beklaagden legden de contacten en hielpen bij de organisatie van de operatie.

Straffen
De straffen voor deze beklaagden variëren van werkstraffen tot gevangenisstraffen met uitstel en geldboetes. Sommige van hen kregen ook een tijdelijk havenverbod opgelegd.

De rechtbank sprak de drie hoofdverdachten wel vrij van witwassen. Hoewel er aanwijzingen waren dat geldstromen gelinkt waren aan criminele activiteiten, kon niet uitgesloten worden dat er ook legale inkomsten waren binnen de betrokken vennootschap.

Bij het bepalen van de straffen hield de rechtbank rekening met de ernst en de schaal van de feiten. De organisatie ging volgens de rechters zeer professioneel en doelgericht te werk, met als enige drijfveer financieel gewin. Door grote hoeveelheden drugs in te voeren, voeden dergelijke netwerken volgens de rechtbank de drugshandel en de verslavingsproblematiek in de samenleving. Ook het strafverleden van de beklaagden en hun houding tijdens het onderzoek speelden een rol in de uiteindelijke strafmaat.

Julien Borremans