Denderregio trekt aan de alarmbel: investeringen in infrastructuur en mobiliteit liggen 25 keer lager dan het Vlaams gemiddelde

Het Burgemeestersoverleg van de Denderregio slaat alarm over de aanhoudende onderfinanciering van de regio binnen het Geïntegreerd Investeringsprogramma (GIP) van de Vlaamse overheid. In een gezamenlijke reactie uiten de burgemeesters hun grote bezorgdheid over de beperkte middelen voor mobiliteit en infrastructuur, en vragen ze een eerlijkere verdeling.

Het GIP bundelt de geplande investeringen van Vlaamse entiteiten zoals het Agentschap Wegen en Verkeer (AWV), De Vlaamse Waterweg, De Lijn en De Werkvennootschap. Net binnen dat programma blijkt de Denderregio zwaar benadeeld.

“25 keer minder per inwoner”
Volgens cijfers voor 2026 ontvangt de Denderregio in totaal 1,57 miljoen euro aan GIP-investeringen. Dat komt neer op amper 4,68 euro per inwoner. Ter vergelijking: het Vlaams gemiddelde bedraagt ongeveer 120 euro per inwoner.

“De cijfers spreken voor zich: met deze investeringsruimte kunnen we in de Denderregio moeilijk een basisniveau aan verkeersveiligheid en infrastructuurkwaliteit garanderen, laat staan structureel vooruitgang boeken,” zegt Fernand Van Trimpont, burgemeester van Geraardsbergen. “Daarom vragen we dat de verdeling van middelen beter aansluit bij de reële noden en de achterstand in onze regio.”

Weinig projecten, grote achterstand
De ongelijke verdeling vertaalt zich volgens het overleg ook in het aantal concrete projecten. In andere vervoerregio’s lopen meerdere mobiliteits- en infrastructuurprojecten of zitten ze in voorbereiding. In de Denderregio blijven de vooruitzichten volgens de burgemeesters ondermaats.

Daardoor komen belangrijke verbeteringen in verkeersveiligheid, fietsverbindingen, openbaar vervoer en de uitbouw van Hoppinpunten langs gewestwegen moeilijk van de grond.

Onderhoud komt in het gedrang
De beperkte investeringsruimte heeft volgens de burgemeesters ook gevolgen voor het onderhoud van de bestaande infrastructuur. Niet alleen nieuwe projecten staan onder druk, ook renovaties en herstellingen dreigen uitgesteld te worden.

Dat gebeurt net op een moment dat Vlaanderen zelf wijst op een groeiende onderhoudsachterstand en het belang van structurele investeringen.

Oproep tot eerlijke verdeling
In een brief aan de Vlaamse regering en de minister van Mobiliteit vragen de burgemeesters daarom een andere aanpak. Ze pleiten voor een eerlijke, transparante en voorspelbare verdeling van de middelen over de verschillende vervoerregio’s.

Die verdeling moet volgens hen gebaseerd zijn op objectieve criteria zoals het aantal inwoners, de noden in de regio, verkeersveiligheid en de historische achterstand.

“Onze vraag is in essentie eenvoudig: zorg voor een transparante en voorspelbare verdeling op basis van objectieve criteria,” zegt Hans Knop, burgemeester van Zele. “Alleen zo kunnen Vlaamse entiteiten en lokale besturen hun plannen op elkaar afstemmen en een meerjarenprogramma uitwerken dat ook effectief uitvoerbaar is.”

Regionale samenwerking
Het Burgemeestersoverleg van de Denderregio brengt veertien steden en gemeenten samen: Aalst, Berlare, Buggenhout, Denderleeuw, Dendermonde, Erpe-Mere, Geraardsbergen, Haaltert, Hamme, Lebbeke, Lede, Ninove, Wichelen en Zele.

Met hun gezamenlijke oproep hopen ze de druk op te voeren om de investeringskloof met de rest van Vlaanderen eindelijk te dichten.

Julien Borremans